Bovengemiddeld bijzonder

In december vliegen de TopZoveel-lijsten ons om de oren. Alle best bekeken series, meest bejubelde boeken of vaakst gedraaide muziek is gebundeld in overzichtelijke jaarstatistieken. Ik ben niet zo goed in het maken van dat soort rankings. Ten eerste omdat ik vaak al ben vergeten wat ik allemaal heb beleefd in een jaar. En ten tweede omdat het zo lastig is om appels met peren te vergelijken. Genoot ik bovengemiddeld meer van Rutger Bregmans De meeste mensen deugen dan van De moord op Commendatore van Haruki Murakami? Werd ik gemiddeld genomen meer gegrepen door The Crown of door Our Planet van David Attenborough?

Dat gezegd hebbend noem ik hier graag een prachtig boek dat nog vers in mijn geheugen zit. Dank, Desirée Houkema, voor jouw artikel op LinkedIn dat mij in contact bracht met dit boek, De mythe van het gemiddelde (oorspronkelijke titel: The end of average) door Todd Rose, verschenen in 2016. Dit boek maakt korte metten met rankings en met het leggen van gegevens langs een gestandaardiseerde meetlat. Dat idee spreekt mij direct aan; niet voor niets noemde ik mijn praktijk 'Talentig'. Hierin ligt de grilligheid van talent besloten.

De auteur, Todd Rose, is schoolverlater en doet in ruim 200 bladzijden en vele voetnoten een krachtig pleidooi voor maatwerk in onderwijs en arbeid. Talent scouten is niet mogelijk op basis van lijstjes van behaalde diploma’s, cijfers of IQ-testen. En deze rankings zijn ook een slechte voorspeller voor talentontwikkeling en het bereiken van succes op school en op de werkvloer. Want het gemiddelde bestaat niet, volgens Rose! Hij legt dit uit aan de hand van talloze praktijkvoorbeelden uit de luchtvaart, HRM-management en het onderwijs. Rose bepleit dat we het juk van het gemiddelde afwerpen, door het individu boven het systeem te stellen. Talent is niet vast te leggen in een gemiddelde door de uniciteit van ieder individu.

Mijn wens voor 2021 is daarom dat we leerlingen die een mismatch ervaren met het schoolsysteem niet wegzetten als (potentiële) drop-outs, maar hen zien als creatieve, hoogbewuste jongeren met een sterk ontwikkelingspotentieel die dreigen vast te lopen. En dat docenten en ouders vooral met de jongeren zelf in kaart brengen wat nodig is om tot ontwikkeling te komen.

In 2020 heb ik al veel mooie voorbeelden hiervan mogen zien in mijn werk als talentbegeleider. Nee, ik zet die voorbeelden niet in een ranking. Het waren stuk voor stuk inspirerende jongeren en boeiende zoektochten. Hoe onverwacht was het dat een ontmoeting van mens tot mens bovendien online mogelijk was, zonder dat we elkaar in het echt ooit zagen. Ik zou bijna zeggen: dat was bovengemiddeld bijzonder!